Naar de pagina-inhoud

Alphabet, over onderwijs en verbeelding – filmrecensie


  • 4 tot 5 minuten
  • 846 woorden
  • Suzan Put

Het is nu misschien nauwelijks nog voor te stellen, maar het schoolsysteem zoals wij dat nu kennen, is ooit ontstaan ten tijde van de industrialisering, in de tijd dat men zich realiseerde dat elk mens, hoe oud of jong ook, een economische eenheid is waar geld mee te verdienen valt. Eentje die met een beetje geluk ook onderling inwisselbaar is, zodat 1 meer of minder niets uitmaakt. Als dus iedereen volgens hetzelfde stramien opgeleid zou worden en aan dezelfde normen zou voldoen, zou dat voor bijvoorbeeld eigenaars van fabrieken ontzettend handig en vooral economisch zijn. Als idee op zich prima voor te stellen. Maar in hoeverre past dat doel nog in deze tijd? Sluit het onderwijs nog wel aan bij wat kinderen willen en kunnen, bij wat de maatschappij nodig heeft, en halen we op deze manier wel uit kinderen wat in ze zit? Deze vragen probeert Alphabet, de nieuwe documentaire van de Oostenrijkse regisseur Erwin Wagenhofer (ook regisseur van Feed The World en Let’s Make Money), te beantwoorden.

Zelfmoord onder jongeren

De antwoorden komen van alle kanten: Wagenhofer filmde in China, op zowel plattelandsscholen als stadsscholen, en hoogleraar Pedagogiek Yang Dongping vertelt hoe zorgwekkend het onderwijs in zijn land op dit moment in elkaar steekt, met als dieptepunt het grote aantal zelfmoorden onder leerlingen. Hij adviseert de Chinese regering op het vlak van wetgeving voor het onderwijs, maar helaas wordt in de film niet duidelijk wat precies zijn invloed is en of er verandering op komst is. Wel zien we eenheidsworst: kinderen in schooluniformen die door hun ouders gepusht worden om de beste te zijn, om certificaten en medailles te scoren, en weinig vreugde of plezier.

Noodbrief

Wagenhoger filmde ook in Duitsland, bij de directeur HR van Deutsche Telekom, Thomas Sattelberger. Deze vertelt over zijn ervaringen met afgestudeerden: dat ze onderling inwisselbaar lijken, dat er geen  vrije denkers meer tussen zitten, dat ze allemaal hetzelfde denken en willen, en dat hij daar als HR-directeur tegenaan loopt. Wat hij daar vervolgens aan gedaan heeft of hoe hij die ontdekking gebruikte voor verandering, wordt helaas niet duidelijk. Daarnaast maken we kennis met een Duitse gymnasiaste, die als klokkenluidster een noodbrief stuurde over het onderwijs aan de Duitse regering. Over kinderen die zo hard moeten studeren dat ze geen vrije tijd en hobby’s meer kunnen hebben. Hoe dat afliep, wordt helaas niet verteld.

Vrije geesten

En zo is er wel meer nogal impliciet in deze documentaire. De grondtoon is dat “het onderwijs” as we know it niet meer geschikt is voor de maatschappij waarin we leven, of dat nu het communistische China is, of het westerse Duitsland. Wat nodig is, zijn vrije geesten, mensen die divergent kunnen denken en vooral mensen die intrinsiek gemotiveerd zijn om te doen wat ze het beste kunnen. En, zeer interessant, dat alle mensen van nature op zoek zijn naar verbondenheid met anderen. Eerst als baby met hun moeder en later ook met de anderen in de nabije omgeving. Of, zoals hersenonderzoeker Gerald Hüther  in de film zegt: als je dit weet, is het eigenlijk heel bijzonder dat scholen erin slagen om die natuurlijke drang uit de mensen te halen en ze onderling te laten concurreren.

Empathie

In Alphabet wordt het bovenstaande op een aantal aardige manieren geïllustreerd. Zo is de kijker getuige van een mooi onderzoekje naar empathie bij baby’s van zes maanden en diezelfde baby’s een jaar later. Ik zal de uitkomst niet verklappen, maar interessant is hij wel. Een ander mooi voorbeeld is dat van de familie Stern, van wie zoon André  (1971) nooit naar school is geweest, en die vertelt hoe die keuze van zijn ouders zijn leven beïnvloed heeft. Hoe hij zijn eigen regels opstelde, zijn eigen dagritme bepaalde en zorgvuldig koos wat hij wilde leren, om uiteindelijk een succesvol gitaarbouwer en spreker te worden.

Conclusie

De samenhang tussen de diverse beelden en sprekers is helaas niet altijd even duidelijk, waardoor de film uiteindelijk redelijk fragmentarisch aanvoelt. Er wordt vooral veel verteld over wat we niet zouden moeten willen, wat er op dit moment mis lijkt te gaan, en nauwelijks of niet over: maar wat dan wel? Hoe zouden we het dan wel moeten doen en wat is daarvoor nodig? Hoe zou zoiets moeten beginnen en waar? Voor het grote publiek is het een prima kennismaking met het gedachtengoed van Sir Ken Robinson (zie zijn TED Talk met als titel “Do schools kill creativity” dat als een rode draad door de film loopt, en ik kan me voorstellen dat de film een aantal interessante eye openers of discussiestarters bevat. Voor mensen die zich er al wat langer in verdiepten, is de film voornamelijk een illustratie van wat ze al wisten. Wagenhofer zou een mooie uitdaging hebben aan een vervolgfilm met als thema: “En wat nu?”. Er kunnen wat mij betreft niet genoeg mooie documentaires over onderwijs en opvoeding gemaakt worden.


Joyce van den Bogaard
Redacteur bij hetkind.org, moeder van een puberdochter en een kleuterzoon, Montessori-adept, serie-binger, wikipediaverslinder, gadgetfreak en geïnspireerd in opvoeden en het leven door Alfie Kohn.