Naar de pagina-inhoud

Waar mensen gelukkig van worden



Mijn oog valt op een facebookberichtje van een vriend: “Explosies op de luchthaven van Brussel. Het lijkt op een aanslag.” Ik sluit facebook af, leg mijn smartphone op de oplader, pak mijn haakwerkje. Doden, gewonden, hulpdiensten, de politiek, een olympische wedstrijd van medeleven, maar ook harde woorden, vingerwijzingen, een kettingreactie van paniek, waarschijnlijk ook in Nederland. Nieuwsberichten die zichzelf blijven herhalen, uren van nietszeggende tekst bij telkens dezelfde misselijkmakende beelden terwijl het aantal slachtoffers oploopt en er misschien ergens een mogelijke dader wordt doodgeschoten. Ik hoef het niet te zien, niet te horen om precies te weten hoe het gaat. Want het gaat altijd zo.

Natuurlijk speelt het in mijn achterhoofd. Ook als ik met de peuter en haar opa naar de bakker loop voor een in vrijheid en overvloed gebakken brood. Ik hoef me geen zorgen te maken over mogelijke slachtoffers. Ik ken niemand in Brussel, denk ik. En ik ken niemand die een aanslag zou willen plegen in Brussel, denk ik. Het voelt als een onverdiend voorrecht.

En ik, naïef kuiken, verbeeld me dat ik hier de mens in zijn natuurlijke staat aanschouw: Creatief en coöperatief.

Als de school uit is, wil het grote kind nog even op het plein blijven spelen met zijn vrienden. Ze spelen Star Wars, en de hond van één van de vrienden is de commandant. Als ze niet meer weten hoe het spel verder moet, raadplegen ze de hond. “We hebben meer lichtzwaarden nodig, anders wint de Dark Side.” De hond is wijs.

Een klein jongetje met een bril gaat op zijn knieën op het plein zitten. Hij tekent met zijn vinger lijnen tussen de rubbertegels. Al snel tekenen alle kinderen mee. “Kom helpen, we maken een heel groot huis.”

Universeel

En ik, naïef kuiken, verbeeld me dat ik hier de mens in zijn natuurlijke staat aanschouw: Creatief en coöperatief. Ik verbeeld me dat dit is wat mensen van nature zouden willen: Samen iets maken, omdat een klein ventje met een bril daarmee begonnen is en omdat het een goed idee lijkt. Ik verbeeld me dat dit is waar mensen gelukkig van worden. En dat gelukkig worden een soort universeel streven is.

Maar in de wereld die ik op dinsdagochtend bewust heb buitengesloten drijft een complete industrie op het ongelukkig maken van andere mensen. Je zal nu politicus zijn, analyticus, verslaggever, wapenhandelaar. Gouden tijden. Dit is het moment om je te profileren als daadkrachtig, empathisch, charismatisch, onverschrokken en toch sympathiek. Dit is het moment om mensen aan je te binden met krachtige beloftes, ondubbelzinnige woorden en het genadeloos omgooien van budgetten. Kijkcijfers, oplages, analyses van analyses, human interest, alles verkoopt.

Maar ik weiger mijn medewerking te verlenen aan de terrorisme-industrie. Geen kijkcijfer, geen klik, geen dertig cent voor een Blendle-artikel krijgen ze van me.

Geen kijkcijfer

Ik wil niet cynisch zijn, want ik geloof in de kinderen die met hun vingers huizen tekenen in de voegen van rubbertegels. Ik wil niet hoogmoedig zijn, ik besef maar al te goed dat ik een gepriviligeerd leven leid in dit voetbalvrouwendorp onder de rook van Amsterdam, als gelukkig getrouwde witte bakfietsmoeder van twee gezonde kindjes. En ik ben niet zo macho dat ik roep: ‘Kom maar op, kloteterroristen!’ Ik ben een moeder, ik heb veel te verliezen. Maar ik weiger mijn medewerking te verlenen aan de terrorisme-industrie. Geen kijkcijfer, geen klik, geen dertig cent voor een Blendle-artikel krijgen ze van me.

En zoals iedere moeder zeg ik: “Het interesseert me niet wie er begon. Vanavond, als iedereen gekalmeerd is, kunnen we eens bekijken wat iedereen nodig heeft en hoe we dat kunnen regelen. Maar elkaar pijn doen is niet oké. Nu niet. Nooit niet. Dus daar houden jullie onmiddellijk mee op. Kijk, daar is een jongetje een huis aan het tekenen. Zullen we meehelpen?”

 


Anita Borst
Anita Borst is moeder van een zoon van 6 en een pleegdochter van 3. Als Buurvrouw Anita blogt ze over het leven zoals zich dat aan haar voordoet. Daarnaast schrijft ze columns en opiniestukken voor diverse online en offline media, en ze kan erg goed haken. Vroeger was ze psychiatrisch verpleegkundige, later wordt ze misschien wel brandweerman. Of toch maar journalist. Daar is ze tenslotte ooit voor opgeleid.